Vorige donderdag, 5 februari 2026, verviel het New START-verdrag, het laatste akkoord dat grenzen stelde aan de kernwapens van de Verenigde Staten en Rusland, de twee grootste kernmogendheden. Dit kon op geen slechter moment gebeuren: Rusland dat verwikkeld is in een oorlog dat het land economisch en politiek onder grote druk zet, de VS die geleid worden door een roekeloze en onvoorspelbare president, China dat zich meer en meer als grootmacht wil doen gelden en Europa dat er helemaal murw en verzwakt bij staat te kijken.
In een wereld die al op scherp staat, is een mogelijke nieuwe kernwapenwedloop wel het laatste wat je wil.
Hellend vlak
New START werd in 2010 ondertekend door toenmalig VS-president Barack Obama en zijn Russische ambtsgenoot Dmitri Medvedev en in 2020 verlengd. Het verdrag beperkte beide kernmachten tot 1.550 strategische kernkoppen en verplichtte hen tot wederzijdse inspecties en transparantie. Dat was geen resultaat van idealistisch gedram, maar de essentie van een veiligheidsdenken dat na de gruwel van WO2 bewust brak met onbeperkte machtspolitiek. Wapenbeheersing is geen politiek hobbyproject; het is een pijler van het geloof dat veiligheid ontstaat uit multilaterale afspraken, wederzijds toezicht en een internationale rechtsorde.
Die internationale rechtsorde staat nu onder grote druk en de concurrentie tussen de traditionele en nieuwe grootmachten is groter dan ooit. Dat deze garantie op een minimum aan nucleaire veiligheid net nu wegvalt, zou dus alle alarmbellen luid moeten doen rinkelen.
Helaas leven we in zulke waanzinnige tijden dat dit gewoon maar een fait divers is in de stroom aan informatie die ons dagelijks overspoelt. Nochtans is net nu, nu de democratie en de vrede op een hellend vlak staan, waakzaamheid meer dan nodig.
Moskou stelde in september nog wel voor om het verdag met een jaar te verlengen. Trump vond dat een goed idee, maar deed er verder niks mee. Nu de vervaldatum bereikt wordt, zeggen de Russen dat voor hen “geen antwoord ook een antwoord is” en dat zij helemaal klaar zijn voor een wereld zonder beperking op nucleaire wapens. Trump van zijn kant lijkt de ernst niet in te zien en zegt dat hij op zijn eigen tempo aan een ‘betere deal’ wil werken, liefst met China.
Rusland heeft het verdrag eerder wel al systematisch uitgehold door inspecties op te schorten en arms control te gijzelen in een bredere confrontatie met het Westen. Tegelijkertijd erkent Moskou impliciet het gevaar door aan te bieden de limieten voorlopig vrijwillig te respecteren. Zelfs het Kremlin lijkt beter te begrijpen wat er op het spel staat dan veel westerse regeringen.
Europa in de vuurlijn
Het is niet Washington of Moskou die de gevolgen van een ontsporende nucleaire relatie als eerste zullen voelen. Dat is Europa. Wij liggen geografisch, militair en politiek in de vuurlinie, maar spelen politiek en diplomatiek nauwelijks een rol. Europese regeringen accepteren blijkbaar een situatie waarin hun veiligheid afhankelijk is van de nukken, verkiezingen en strategische grillen van grootmachten buiten het continent.
New START verdwijnt op het slechtst denkbare moment. Europa leeft met een grootschalige oorlog op zijn grondgebied, NAVO-landen herbewapenen zich in hoog tempo, de nucleaire grootmachten leven op gespannen voet met elkaar en deinzen er niet voor terug om confrontaties op de spits te drijven. Reken daarbij de ontwikkeling van nieuwe wapentechnologieën die besluitvormingstijden drastisch verkorten en de kans op een ‘fataal misverstand’ wordt alleen maar groter. In zo’n context is het afschaffen van afspraken, transparantie en controle de kers op een wel heel explosieve taart.
Wie denkt dat afschrikking zonder afspraken stabiel is, heeft niets geleerd van de twintigste eeuw. Stabiliteit zonder regels is een illusie — vooral in tijden van crisis.
Onbegrijpelijke stilte
Het grootste probleem is misschien niet eens het vervallen van het verdrag zelf, maar het gebrek aan verontwaardiging. Parlementen zwijgen, regeringen communiceren nauwelijks, media behandelen het als een technisch detail. We blijven denken dat het allemaal wel zo’n vaart niet zal lopen, ook al bewijst de dagelijkse actualiteit dat echt alles mogelijk is, ook het ondenkbare.
Die apathie verraadt hoezeer nucleaire risico’s zijn genormaliseerd en hoe zwak het publieke besef is geworden van wat er op het spel staat. Democratische samenlevingen die niet meer in staat zijn om alarm te slaan bij existentiële dreiging, hebben een probleem dat meer vraagt dan een wat sterker defensiebeleid.
Europa mag niet doen alsof dit een probleem van anderen is. Als de EU werkelijk gelooft in multilateralisme, in regels boven macht en in veiligheid als gedeeld goed, dan is dit het moment om dat te laten horen — luid en duidelijk.
In een wereld die op scherp staat, kan niemand zich verstoppen.
