Met het nieuwe schooljaar gaat ook onder meer het project ‘Ieder kind taalheld’ van start. Met dit pakket maatregelen wil de Vlaamse regering de kennis van het Nederlands versterken en vooral anderstaligen mee in het Nederlandse taalbad trekken. Tegelijk lanceerde zopas Brussels N-VA-parlementslid Cieltje Van Achter haar ToTaalplan Nederlands voor Brussel, waarmee ze het gebruik van het Nederlands in de hoofdstad wil aanmoedigen. Beide initiatieven zijn lovenswaardig, maar helaas ook academisch en directief en dus saai en weinig stimulerend. Er zijn nochtans veel aantrekkelijkere en leukere manier om een taal te leren…
De kennis van het Nederlands, of het gebrek eraan, zeker bij anderstaligen, is een prangend probleem. In Vlaanderen spreekt meer dan kwart van de kinderen thuis geen Nederlands. Dat terwijl algemeen toch de overtuiging bestaat dat een goede kennis van het Nederlands de sleutel tot beter werk, onderwijs en samenleven is.
Brussel is uiteraard nog een geval apart. Daar heb je naast de groeiende anderstaligheid ook de historische verfransing, waardoor slechts zo’n 20% van de Brusselse burgers vlot Nederlands spreekt. Hoewel het hoofdstedelijke gewest officieel tweetalig is, is het een oud en bekend zeer dat je in Brusselse ziekenhuizen, gemeenteloketten of politiekantoren al te vaak niet in het Nederlands geholpen kan worden.
Daar wil Van Achter met haar ToTaalplan Nederlands dus een mouw aan passen, naast ook meer kansen en mogelijkheden creëren om Nederlands te spreken en te oefenen in Brussel. Daarbij worden bijvoorbeeld ook Vlamingen aangespoord om in Brussel Nederlands te spreken en niet meteen over te schakelen naar Frans of Engels wanneer de conversatie niet vlot gaat.
Artificiële Intelligentie
De beste manier om een taal te leren is ze gebruiken. Dat erkennen beide initiatieven ook, maar ze geven er verder geen concrete invulling aan. Nochtans zijn er mogelijkheden te over om met relatief weinig moeite en geld het Nederlands uit het saaie schoolse of administratieve kader te halen. Zeker als je ook gebruik maakt van moderne technologie.
Je kan bijvoorbeeld artificiële intelligentie inschakelen en een virtuele ‘vriend’ maken die korte gesprekken met je voert en je vriendelijk verbetert. Of je kan chatbots ontwikkelen voor WhatsApp of Messenger waarmee je spelling en grammatica kan oefenen. Voor een jonger publiek kan je bekende Nederlandstalige Brusselaars inschakelen die grappige filmpjes of leuke challenges maken op Tiktok en Instagram. Of maak Youtube-reeksen met getuigenissen van anderstaligen over hun ervaringen met Nederlands. De technologie voor dit alles bestaat al en in het geval van AI zou Vlaanderen zelfs koploper kunnen zijn.
Gebruik de stad
Het hoeft zelfs niet eens zo high-tech te zijn, je kan ook in de echte wereld veel doen. Maak bijvoorbeeld wandelroutes met QR-codes waarmee je bijvoobeeld bij een bakkerij kan horen hoe je een brood bestelt in het Nederlands of bij een straatnaambord hoe je die straatnaam uitspreekt.
Op plaatsen waar mensen vaak moeten wachten, zoals bus- en tramhaltes of metro- en treinperrons, kan je hen onderhouden met taalspelletjes op digitale borden. Je kan het uitgebreide netwerk van reclameborden gebruiken om handige zinnen of grappige zegswijzen in het Nederlands mee te geven.
En ten slotte zou het ook een beter idee zijn om niet ‘naast het Frans’ te werken, zoals het ToTaalplan voorstelt, maar net ‘mét het Frans’. Zoek samenwerkingen met de Franstalige media. Vraag hen bijvoorbeeld om te beginnen al om Nederlands op televisie niet meer te dubben in het Frans, maar te ondertitelen. Zo raakt men meer gewend aan het Nederlands en pikt men onbewust al wat woorden op. In de scholen zou het hoedanook een goed idee zijn om de kinderen kennis te laten maken met Vlaamse kindertelevisie. We hebben daar een zeer positieve reputatie in en het is dus zeer jammer dat zo’n sterke troef niet ingezet wordt.
En zo zijn er nog wel een heel aantal manieren te bedenken om de kennis van het Nederlands te versterken en het gebruik ervan te stimuleren, in onze hoofdstad maar ook daarbuiten. Belangrijk daarbij is dat Nederlands in een positief daglicht geplaatst wordt en het spreken ervan meer plezier dan verplichting wordt.
Het volledige interview kan u hier bekijken: https://youtu.be/eUciwW7SOMo
